Startpagina > Zeldzame ziekten > Zoek

Zoek een zeldzame ziekte

*
(*) verplicht veld

Bulleus pemfigoïd

Opmerking
Your message has been sent Your message has not been sent. Please contact an administrator.
Definitie ziekte

Een zeldzame auto-immune bulleuze huidziekte, gekarakteriseerd door verworven, subepidermale gespannen bullae (blaren) op normale of ontstoken huid, doorgaans wijdverspreid (buigzones van proximale armen en benen, oksels, liesstreek en abdomen) en vaak geassocieerd met pruritus. De evolutie is doorgaans chronisch met spontane exacerbaties en remissies.

ORPHA:703

Classification level: Aandoening

Bron: PubMed ID 31090818 31732776 23540594

Prevalentie: 1-5 / 10 000

Erfelijkheid: Niet toepasbaar

Leeftijd bij eerste symptomen: Elke leeftijd

ICD-1O: L12.0

ICD-11: EB41.0

UMLS: C0030805

MeSH: D010391

GARD: 5972

MedDRA: 10006567

Samenvatting
Epidemiologie

Bulleus pemfigoïd (BP) is de meest voorkomende auto-immune ziekte met subepidermale blaarvorming op huid en slijmvlies. De prevalentie in Europa wordt geschat op 1/4.000. Er wordt gemeld dat de incidentie stijgt, en momenteel wereldwijd tussen 2-22/1.000.000 ligt.

Klinische beschrijving

BP treft vooral ouderen met een gemiddelde leeftijd van 80 jaar en is significant geassocieerd met neurologische aandoeningen. Er werden ook enkele gevallen beschreven bij kinderen en jonge volwassenen. De ziekte wordt klinisch gekenmerkt door gespannen, vaak grote bullae met een heldere inhoud, die vooral ontwikkelen op de rand van erythemateuze plaques. Intense jeuk is gangbaar. Sommige patiënten vertonen betrokkenheid van mucosa (10-20% van de gevallen). De zeldzame infantiele vorm verschilt van de volwassen vorm door palmoplantaire betrokkenheid, vooral bij kinderen jonger dan 1 jaar, en de hogere frequentie van betrokkenheid van mucosa.

Etiologie

Immunologisch wordt BP gekenmerkt door productie van auto-antilichamen gericht tegen twee structurele proteïnen die worden aangetroffen ter hoogte van de dermale-epidermale overgang en daar cohesie tussen dermis en epidermis verzekeren, namelijk BP-antigeen 1 (BPAG1 of AgBP230) en BP-antigeen 2 (BPAG2, AgBP180 of collageen XVII). Binding tussen de auto-antilichamen en deze proteïnen leidt tot scheiding tussen dermis en epidermis, en vorming van blaren. Sommige geneesmiddelen zijn geassocieerd met aanvang van BP (diuretica, antiaritmica, neuroleptica, gliptines, immunotherapie).

Diagnostische methodes

Diagnose is gebaseerd op klinische kenmerken en huidbiopsie met typische bevindingen bij lichtmicroscopie (subepidermale bullae die eosinofielen en/of neutrofielen bevatten, geassocieerd met dermaal infiltraat van eosinofielen en/of neutrofielen, of marginalisatie van eosinofielen langs de dermale-epidermale overgang) en positieve bevindingen bij directe immunofluorescentiemicroscopie (lineaire afzettingen van IgG en/of C3 langs de dermale-epidermale overgang. Bloedstalen zijn ook nodig om te zoeken naar circulerende IgG anti-basale membraan auto-antilichamen met behulp van indirecte immunofluorescentiemicroscopie, en anti-BP180 IgG antilichamen en anti-BP230 IgG antilichamen met behulp van ELISA.

Differentiële diagnose

De voornaamste differentiële diagnoses zijn enkele vormen van verworven bulleuze epidermolyse en anti-p200-pemfigoïd. BP met betrokkenheid van mucosa kan lijken op slijmvliespemfigoïd, ondanks het feit dat betrokkenheid van slijmvlies zelden overheersend is bij BP.

Beheersing en behandeling

Systemische corticosteroïden (CS) (0,5-1 mg/kg/dag prednison) wordt aangewezen als de standaard behandeling in de meeste landen. De Europese consensus voor eerstelijnsbehandeling omvat zeer potente topische corticosteroïden op het hele lichaamsoppervlak behalve aangezicht, of aangebracht op laesies enkel waar de ziekte zich situeert, gevolgd door een onderhoudend of afnemend schema naargelang nodig. Bij patiënten met therapieresistente BP en bij diegenen met meerdere recidives worden meestal immuunsuppressiva (methotrexaat, mycofenolaat mofetil) gebruikt. Doxycycline kan gebruikt worden, vooral bij patiënten met contra-indicaties voor immuunsuppressiva of met een slechte algemene toestand. Recent werden nieuwe therapeutische middelen getest, vooral rituximab en omalizumab, waarvan de indicaties nog onduidelijk zijn.

Prognose

BP is een ernstige ziekte. In sommige gevallen is de prognose voor BP-patiënten slecht.

Laatste update: april 2020 - Deskundige recensent(en): Pr. Pascal JOLY | ERN-Skin*

* Europese referentienetwerken

Er is een tekst voor deze aandoening beschikbaar in het English, Logo ERN Français, Logo ERN Español, Deutsch, Logo ERN Italiano, Logo ERN Português Русский
Gedetailleerde informatie

Logo ERN: opgesteld/goedgekeurd door ERN(s) Logo FSMR: opgesteld/goedgekeurd door FSMR(s)

Het brede publiek
Artikel voor het grote publiek
Richtlijnen
Richtlijnen klinische praktijk
English (2015) - J Eur Acad Dermatol Venereol Logo ERN
English (2020) - J Am Acad Dermatol Logo ERN
English (2015) - Br J Dermatol Logo ERN
Richtlijnen voor spoedgevallen
Français (2022.pdf) - Orphanet Urgences
Anesthesierichtlijnen
English (2020) - Orphananesthesia
Español (2017) - Orphananesthesia
Čeština (2017) - Orphananesthesia
Português (2020) - Orphananesthesia
De documenten op deze website zijn louter ter informatie. Het materiaal is geenszins bestemd om professionele medische zorgen door een gediplomeerde specialist te vervangen en mag niet worden gebruikt als basis voor een diagnose of behandeling.