Kennis over zeldzame ziekten en weesgeneesmiddelen
COVID-19 & Zeldzame Ziekten
Hulpbronnen voor Zeldzame Ziekten voor Vluchtelingen/Ontheemden
Zoek een zeldzame ziekte
KID-syndroom
Een zeldzame, congenitale, ectodermale aandoening, gekarakteriseerd door vasculariserende keratitis, hyperkeratotische huidletsels en gehoorverlies.
ORPHA:477
Classification level: Aandoening
- Ichthyosis hystrix, Rheydt-type
- KID/HID-syndroom
- Keratitis - ichthyosis - gehoorverlies/Hystrix-achtige ichthyosis - gehoorverlies-syndroom
- Syndroom van Senter
- Keratitis - ichthyosis - doofheid/Hystrix-achtige ichthyosis - doofheid-syndroom
Prevalentie: <1 / 1 000 000
Erfelijkheid: Autosomaal dominant, Autosomaal recessief, Niet toepasbaar
Leeftijd bij eerste symptomen: Neonataal
Tot op heden werden minder dan 100 gevallen beschreven.
Patiënten presenteren zich meestal bij de geboorte met gegeneraliseerd erytheem en ichtyosiforme desquamatie. De manifestaties aan de huid zijn progressief met erytrokeratodermie gekenmerkt door duidelijk begrensde erythemateuze en keratotische plaques met een verruceus uiterlijk en voornamelijk gesitueerd op aangezicht, scalp, oren, ellebogen en knieën. Overige veranderingen aan huid zijn onder meer diepe groeven rond de mond, palmoplantaire hyperkeratose (PPHK) met lederachtige, korrelige keratodermie, folliculaire HK op de romp, en stekelige HK (hystrix-achtige ichtyose) in sommige gevallen. De huidlaesies zijn vatbaar voor infectie en er werden reeds zeldzame fatale gevallen van ernstige terugkerende infecties met sepsis gerapporteerd. Nageldystrofie, alopecie, en schaarse of afwezige wenkbrauwen en wimpers komen ook frequent voor. Patiënten met KID/HID hebben een verhoogde vatbaarheid voor plaveiselcel- en tongcarcinomen. Gehoorverlies is congenitaal, meestal sensorineuraal en vaak zeer ernstig. Oculaire symptomen kunnen afwezig zijn bij sommige patiënten, maar wanneer ze aanwezig zijn treden ze doorgaans op in de kindertijd of adolescentie met fotofobie, keratitis punctata en progressieve vascularisatie van cornea met verlies van gezichtsvermogen tot gevolg. De combinatie van verlies van gezichtsvermogen en gehoorverlies kan leiden tot ernstige ontwikkelingsachterstand. In enkele gevallen werden cerebellaire en neuromusculaire defecten gerapporteerd.
KID/HID-syndroom wordt veroorzaakt door mutaties in de N-terminus en eerste extracellulaire lus van connexine 26, dat gecodeerd wordt door het gen GJB2 (13q11-q12). Een patiënt met KID en atrichie had een mutatie in het gen GJB6 (13q12), dat codeert voor connexine 30.
Diagnose wordt vermoed op basis van huid-, oog- en ooronderzoek. Histologische bevindingen zijn niet specifiek, en tonen acanthose en orthokeratotische HK. MRI kan ook geïndiceerd worden om cerebellaire anomalieën op te sporen. De diagnose kan bevestigd worden met moleculaire analyse.
Differentiële diagnoses zijn onder meer ziekten die behoren tot de groep van erytrokeratodermie, alsook syndroom van Clouston en keratosis follicularis spinulosa decalvans.
Prenatale diagnose kan aangeboden worden aan families met een indexgeval (gegeneraliseerde vorm of mozaïcisme) bij wie de causale mutatie van de ziekte werd geïdentificeerd.
De meeste gerapporteerde gevallen zijn sporadisch, maar er werden ook reeds familiale gevallen met autosomaal dominante overerving gerapporteerd. Ook werden enkele gevallen beschreven van KID-syndroom veroorzaakt door parentaal mozaïcisme in kiembaancellen voor het gen GJB2. Erfelijkheidsadvies dient aangeboden te worden aan getroffen families, aangezien het risico op overerving van een getroffen ouder 50% bedraagt. Segmentale huidlaesies kunnen overeenstemmen met somatisch mozaïcisme en kiembaanmozaïcisme, en dienen overwogen te worden als risicofactor voor transmissie van een gegeneraliseerde vorm.
Behandeling is louter symptomatisch. Het gebruik van systemische retinoïden is controversieel bij patiënten met KID/HID en verschillende auteurs hebben aangeraden de behandeling van manifestaties aan de huid te beperken tot toediening van topische therapie (milde emollientia en topische keratolytica). Patiënten met KID/HID dienen regelmatig onderzocht te worden op carcinomen van mucosa. Zorgvuldige oftalmologische en KNO opvolging dienen aangeraden te worden, en patiënten dienen opgenomen te worden in ontwikkelingsprogramma's voor gecombineerd verlies van gehoor en gezichtsvermogen. Cochleaire implantaten hebben hun nut getoond in enkele gevallen.
De prognose voor patiënten met KID/HID-syndroom is variabel, en hoewel gevallen met een fatale uitkomst zelden voorkomen, houden de cutane manifestaties aan en zijn deze doorgaans ernstig met recidiverende infecties en een verhoogd risico op carcinomen van slijmvlies. De combinatie van verlies van gezichtsvermogen en gehoorverlies kan leiden tot significante ontwikkelingsachterstand.
Laatste update: april 2009 - Deskundige recensent(en): Pr. Alain HOVNANIAN
: opgesteld/goedgekeurd door ERN(s)
: opgesteld/goedgekeurd door FSMR(s)
Richtlijnen
Overzichtsartikelen over ziekten
Meer informatie over deze ziekte
Patiëntgerichte faciliteiten voor deze ziekte
Onderzoeksactiviteiten naar deze ziekte
- Onderzoeksprojecten (51)
- Klinische studies (1)
- Biobanken (10)
- Registers (31)
- Netwerk van experten (7)
Neonatale screening