Startpagina > Zeldzame ziekten > Zoek

Zoek een zeldzame ziekte

*
(*) verplicht veld

Lysinurische proteïne-intolerantie

Opmerking
Your message has been sent Your message has not been sent. Please contact an administrator.
Definitie ziekte

Een zeldzame aandoening van absorptie en transport van aminozuren, gekenmerkt door een secundaire stoornis van de ureumcyclus met niet-gedijen, hepatosplenomegalie, en een brede waaier van klinische manifestaties waaronder betrokkenheid van hematologisch systeem (macrofaagactivatiesyndroom of hemofagocytaire lymfohistiocytose, HLH), immuunsysteem, spijsverteringsstelsel, nieren, longen en/of botten.

ORPHA:470

Classification level: Aandoening

Synoniem(en):
  • Lysinurische eiwitintolerantie
  • LPI
  • Hyperdibasische aminoacidurie
  • Lysine-eiwitintolerantie

Bron: PubMed ID 31213652 38053936 36198931

Prevalentie: Unknown

Erfelijkheid: Autosomaal recessief

Leeftijd bij eerste symptomen: Kindsheid, Neonataal

ICD-1O: E72.0

ICD-11: 5C60.Y

OMIM-nummer: 222700

UMLS: C0268647

MeSH: C562687

GARD: 3335

MedDRA: 10058300

Samenvatting
Epidemiologie

Lysinurische proteïne-intolerantie (LPI) wordt vooral aangetroffen in Japan en Finland, waar de prevalentie ongeveer 1/60.000 bedraagt. Er werden meer dan 200 gevallen gerapporteerd in de literatuur.

Klinische beschrijving

De metabole stoornis bij LPI veroorzaakt verhoogde excretie via nier en verminderde absorptie door darm van dibasische aminozuren, en orootacidurie. Patiënten die getroffen zijn door LPI kunnen zich presenteren met misselijkheid en braken na inname van eiwit, diarree, niet-gedijen, hepatosplenomegalie, afwijkingen van beenmerg, osteopenie, episodes van hyperammoniëmische coma, gewijzigde immuunrespons, auto-immune manifestaties, cytopenieën geassocieerd met macrofaagactivatiesyndroom, chronische nierziekte, en betrokkenheid van long (interstitiële longziekte door alveolaire proteïnose).

Etiologie

Het wordt veroorzaakt door verstoord transport van dibasische aminozuren aan de basolaterale membraan van epitheelcellen in nier en darm. LPI wordt veroorzaakt door minstens 69 varianten die de functie beïnvloeden in het gen dat codeert voor 'solute carrier family 7A member 7' (SLC7A7), gesitueerd op chromosoom 14q11.2; tot op heden werd geen duidelijke correlatie tussen genotype en fenotype gevonden.

Diagnostische methodes

Diagnose vereist analyse van aminozuren in plasma en urine. Verhoogde excretie in urine en lage concentratie in plasma van lysine, arginine en ornithine wijzen op een positieve diagnose, maar deze verschijnselen kunnen mettertijd variëren. Macrofaagactivatiesyndroom is een constante bevinding, met hepatosplenomegalie, hyperferritinemie en verhoogd LDH-gehalte. Identificatie van biallelische pathogene varianten (door testen van een enkel gen of een panel van meerdere genen, afhankelijk van de klinische bevindingen) kan helpen om de diagnose te bevestigen.

Differentiële diagnose

Differentiële diagnoses zijn onder meer andere oorzaken van hyperammoniëmie, lysosomale stapelingsziekten, andere oorzaken van macrofaagactivatiesyndroom, en enkele auto-immuunziekten zoals systemische lupus erythematosus.

Antenatale diagnose

Prenatale diagnose is mogelijk indien de pathogene variant reeds eerder werd geïdentificeerd bij een familielid.

Genetisch advies

Transmissie gebeurt autosomaal recessief. Erfelijkheidsadvies dient aangeboden te worden aan koppels die risico lopen (beide individuen zijn drager van een causale mutatie van de ziekte) om hen te informeren over het risico van 25% op het krijgen van een getroffen kind bij elke zwangerschap.

Beheersing en behandeling

Acute hyperammoniëmische manifestaties worden behandeld door intraveneuze toediening van geneesmiddelen ter eliminatie van stikstofverbindingen, infusie van dextrose en/of extrarenale zuivering volgens d gebruikelijke richtlijnen voor behandeling van hyperammoniëmie. Vanwege HLH dienen intraveneuze lipiden vermeden te worden. Langdurige behandeling is gebaseerd op een eiwitarm dieet (1-1,5 g/kg/dag bij kinderen en 0,5-0,8 g/kg/dag bij volwassenen) en suppletie van citrulline (minder dan 100 mg/kg/dag), alsook monitoring van biochemische merkers. Er werd gemeld dat de complicatie pulmonale alveolaire proteïnose succesvol werd behandeld door spoeling van gehele long.

Prognose

De prognose varieert afhankelijk van vroege identificatie van de ziekte, hyperammoniëmie en pulmonale complicaties. Betrokkenheid van long is een belangrijke oorzaak van een problematisch klinisch verloop en fatale uitkomst. In de volwassenheid treedt vaak chronisch nierfalen op, waarvoor mogelijk dialyse vereist is, gevolg door niertransplantatie. Uitkomsten op lange termijn zijn ook gerelateerd aan de onvoorspelbare risico's op optreden van auto-immune en/of dysimmune manifestaties, onafhankelijk van de metabole behandeling.

Laatste update: januari 2024 - Deskundige recensent(en): Dr. Juliette BOUCHEREAU | MetabERN* - Pr. Manuel SCHIFF

* Europese referentienetwerken

Er is een tekst voor deze aandoening beschikbaar in het English, Logo ERN Français, Logo ERN Español, Logo ERN Deutsch, Logo ERN Italiano, Português Logo ERN
Gedetailleerde informatie

Logo ERN: opgesteld/goedgekeurd door ERN(s) Logo FSMR: opgesteld/goedgekeurd door FSMR(s)

Het brede publiek
Artikel voor het grote publiek
Svenska (2018) - Socialstyrelsen
Richtlijnen
Richtlijnen voor spoedgevallen
English (2012.pdf) - Brit Inher Metab Dis Group
Overzichtsartikelen over ziekten
Clinical genetics review
English (2018) - GeneReviews
Review artikel
English (2025) - N Engl J Med
Genetische testen
Guidance voor genetische testen
English (2020) - Eur J Hum Genet
De documenten op deze website zijn louter ter informatie. Het materiaal is geenszins bestemd om professionele medische zorgen door een gediplomeerde specialist te vervangen en mag niet worden gebruikt als basis voor een diagnose of behandeling.