Startpagina > Zeldzame ziekten > Zoek

Zoek een zeldzame ziekte

*
(*) verplicht veld

Congenitale amegakaryocytaire trombocytopenie

Opmerking
Your message has been sent Your message has not been sent. Please contact an administrator.
Definitie ziekte

Een geïsoleerde constitutionele trombocytopenie gekarakteriseerd door een geïsoleerde en ernstige daling van het aantal trombocyten en megakaryocyten tijdens de eerste levensjaren, die later in de kindertijd evolueert tot beenmergfalen met pancytopenie.

ORPHA:3319

Classification level: Aandoening

Synoniem(en):
  • CAMT

Prevalentie: Unknown

Erfelijkheid: Autosomaal recessief

Leeftijd bij eerste symptomen: Neonataal

ICD-1O: D61.0

ICD-11: 3B64.01

OMIM-nummer: 604498

UMLS: C1327915

MeSH: C535982

GARD: 640

Samenvatting
Epidemiologie

De prevalentie van congenitale amegakaryocytaire trombocytopenie (CAMT) is niet gekend en er werden minder dan 100 gevallen gerapporteerd in de literatuur. Daarnaast wordt de incidentie mogelijk onderschat vanwege de moeilijke en inconsistente diagnose van de ziekte..

Klinische beschrijving

CAMT manifesteert zich vanaf de geboorte, vaak op de eerste dag of tenminste binnen de eerste levensmaand, met petechiën, purpura, en gastro-intestinale, pulmonale of intracraniale bloeding als gevolg van geïsoleerde trombocytopenie en nagenoeg volledige afwezigheid van megakaryocyten in het beenmerg. Er werden twee types van CAMT geïdentificeerd. CAMT type I is de ernstige vorm van de ziekte en wordt gekenmerkt door aanhoudend lage hoeveelheden bloedplaatjes en vroege progressie (doorgaans tegen de leeftijd van 2 jaar) tot aplasie van het beenmerg geassocieerd met pancytopenie. CAMT type II is een mildere vorm die zich voordoet met een tijdelijke toename van het aantal bloedplaatjes tot meer dan 50x109/L tijdens het eerste levensjaar en late (tegen de leeftijd van 3-6 jaar) of geen ontwikkeling van pancytopenie. Hartdefecten (atrium- en ventrikelseptumdefecten), afwijkingen van het centrale zenuwstelsel (cerebrale en cerebellaire hypoplasie), en psychomotorische ontwikkelingsachterstand werden occasioneel gerapporteerd.

Etiologie

CAMT is het gevolg van mutaties in het gen MPL (1p34), dat codeert voor trombopoëtine (TPO)-receptor (c-MPL), die tot expressie komt in pluripotente hematopoëtische stamcellen en cellen van de megakaryocytaire cellijn. Binding van TPO aan c-MPL stimuleert de productie van trombocyten en megakaryocyten. Verschillende types van mutaties werden geassocieerd met verschillende fenotypes. Nonsense-mutaties waarvan voorspeld wordt dat ze volledig functieverlies van de TPO-receptor veroorzaken, leiden tot CAMT type I, terwijl missense-mutaties waarvan voorspeld worden dat ze leiden tot residuele functie van de receptor geassocieerd zijn met CAMT type II. Gevallen zonder defecten in het gen MPL worden aangeduid als CAMT type III. Recent werd een 21q22-deletie, die haploinsufficiëntie van RUNX1 veroorzaakt, gerapporteerd in een geval van CAMT geassocieerd met verschillende anomalieën (groeiachterstand, gehoorproblemen, hernia's, voedingsproblemen).

Diagnostische methodes

Diagnose is gebaseerd op klinische tekenen, op bloedtesten die bewijs leveren van trombocytopenie (aantal bloedplaatjes lager dan 50x109/L) met een normaal gemiddeld bloedplaatjesvolume en sterk verhoogde TPO-gehaltes in het serum, en op observatie van geen of zeer weinig megakaryocyten in een beenmergaspiraat. Genetisch testen kan de diagnose bevestigen.

Differentiële diagnose

De initiële presentatie van CAMT met geïsoleerde trombocytopenie kan foutief gediagnosticeerd worden als idiopathische trombocytopenische purpura (ITP), terwijl de late pancytopenische fase niet te onderscheiden is van aplastische anemie. Fanconi-anemie, trombocytopenie - afwezige radius (TAR)-syndroom, en syndroom van Wiskott-Aldrich (WAS) dienen ook uitgesloten te worden.

Antenatale diagnose

Prenatale diagnose is mogelijk voor families waarbij de oorzakelijke mutatie van de ziekte werd geïdentificeerd.

Genetisch advies

Transmissie gebeurt autosomaal recessief. Erfelijkheidsadvies dient aangeboden te worden aan koppels die risico lopen (beide individuen zijn drager van een causale mutatie van de ziekte), om hen te informeren over het risico van 25% op een getroffen nakomeling bij elke zwangerschap.

Beheersing en behandeling

Het ziektebeheer is ondersteunend en bestaat voornamelijk uit meervoudige bloedplaatjestransfusies. Momenteel is hematopoëtische stamceltransplantatie (HSCT) de enige curatieve therapie.

Prognose

De prognose is ongunstig en met ondersteunende therapie vindt progressie tot volledig beenmergfalen (trilineaire beenmergaplasie) plaats tijdens het eerste levensjaar. 30% van de patiënten met CAMT overlijdt als gevolg van bloedingscomplicaties voor de HSCT en 20% als gevolg van de HSCT.

Laatste update: juli 2019 - Deskundige recensent(en): Pr. Joan Lluís VIVES-CORRONS
Er is een tekst voor deze aandoening beschikbaar in het English, Français, Español, Deutsch, Italiano עברית, Русский
Gedetailleerde informatie

Logo ERN: opgesteld/goedgekeurd door ERN(s) Logo FSMR: opgesteld/goedgekeurd door FSMR(s)

Richtlijnen
Richtlijnen klinische praktijk
English (2016) - Br J Haematol Logo ERN
Richtlijnen voor spoedgevallen
Français (2022.pdf) - Orphanet Urgences
Genetische testen
Guidance voor genetische testen
De documenten op deze website zijn louter ter informatie. Het materiaal is geenszins bestemd om professionele medische zorgen door een gediplomeerde specialist te vervangen en mag niet worden gebruikt als basis voor een diagnose of behandeling.