Startpagina > Zeldzame ziekten > Zoek

Zoek een zeldzame ziekte

*
(*) verplicht veld

Glycogeenstapelingsziekte door deficiëntie van glycogeensynthase in lever

Opmerking
Your message has been sent Your message has not been sent. Please contact an administrator.
Definitie ziekte

Een zeldzame genetisch overgeërfde anomalie van glycogeenmetabolisme, beschouwd als een vorm van glycogeenstapelingsziekte (GSD, of glycogenose), en gekenmerkt door postprandiale hyperglycemie en hypoglycemie bij vasten. Strikt genomen is dit geen glycogenose, aangezien er geen stapeling van glycogeen is, aangezien de enzymdeficiëntie synthese van glycogeen in de lever verhindert.

ORPHA:2089

Classification level: Aandoening

Synoniem(en):
  • GSD type 0a
  • Glycogeenstapelingsziekte type 0a
  • Glycogenose type 0a
  • Glycogeenstapelingsziekte door glycogeensynthasedeficiëntie in lever
  • GSD door hepatische glycogeensynthasedeficiëntie
  • Glycogeenstapelingsziekte door hepatische glycogeensynthasedeficiëntie

Prevalentie: <1 / 1 000 000

Erfelijkheid: Autosomaal recessief

Leeftijd bij eerste symptomen: Kindertijd

ICD-1O: E74.0

ICD-11: 5C51.3

OMIM-nummer: 240600

UMLS: C4510753

GARD: 2513

Samenvatting
Epidemiologie

Het is een uiterst zeldzame ziekte, waarvan tot op heden ongeveer 20 gevallen werden gerapporteerd in de literatuur.

Klinische beschrijving

Het verschijnt doorgaans in de zuigelingentijd of vroege kindertijd. Patiënten vertonen vermoeidheid in de ochtend en hypoglycemie bij vasten (zonder hepatomegalie), geassocieerd met hyperketonemie maar zonder hyperalaninemie of hyperlactacidemie. Na maaltijden worden ernstige hyperglycemie, toename van lactaat en alanine, en hyperlipidemie waargenomen.

Etiologie

Deficiëntie van glycogeensynthase wordt veroorzaakt door mutaties in het gen GYS2 (12p12.2).

Diagnostische methodes

Metingen van glycemie gedurende 24 uur die postprandiale hyperglycemie en hypoglycemie bij vasten aantonen, wijzen sterk in de richting van de diagnose. Moleculaire analyse laat toe de diagnose te bevestigen, door identificatie van beide mutante allelen van het gen GYS2. Indien de diagnose waarschijnlijk blijft ondanks een negatief moleculair onderzoek zal een leverbiopsie uitgevoerd worden, die een lichte daling van de glycogeenconcentratie en bewijs van de enzymdeficiëntie (het wordt niet tot expressie gebracht in spieren, erytrocyten, leukocyten of fibroblasten) toont.

Differentiële diagnose

Differentiële diagnoses zijn onder meer erfelijke intolerantie voor fructose, glycogeenstapelingsziekte door deficiëntie van glucose-6-fosfatase (GSD type I), en hypoglycemie.

Antenatale diagnose

Prenatale diagnose is technisch mogelijk wanneer pathogene varianten reeds eerder werden geïdentificeerd in de proband, maar dit wordt meestal niet uitgevoerd.

Genetisch advies

Transmissie gebeurt autosomaal recessief. Erfelijkheidsadvies dient aangeboden te worden aan koppels die risico lopen (beide individuen zijn drager van een causale mutatie van de ziekte) om hen te informeren over het risico van 25% op het krijgen van een getroffen kind bij elke zwangerschap.

Beheersing en behandeling

De aandoening wordt behandeld met een specifiek dieet bestaande uit frequente maaltijden met hoge inname van eiwit tijdens de dag en toevoeging van ongekookt zetmeel in de avond.

Prognose

De prognose is gunstig wanneer de ziekte correct behandeld wordt.

Laatste update: augustus 2024 - Deskundige recensent(en): Dr. Roseline FROISSART - Pr. Philippe LABRUNE | MetabERN*

* Europese referentienetwerken

Er is een tekst voor deze aandoening beschikbaar in het English, Logo ERN Français, Logo ERN Español, Logo ERN Deutsch, Logo ERN Italiano, Português
Gedetailleerde informatie

Logo ERN: opgesteld/goedgekeurd door ERN(s) Logo FSMR: opgesteld/goedgekeurd door FSMR(s)

Het brede publiek
Artikel voor het grote publiek
Svenska (2019) - Socialstyrelsen
Richtlijnen
Richtlijnen voor spoedgevallen
English (2012.pdf) - Brit Inher Metab Dis Group
De documenten op deze website zijn louter ter informatie. Het materiaal is geenszins bestemd om professionele medische zorgen door een gediplomeerde specialist te vervangen en mag niet worden gebruikt als basis voor een diagnose of behandeling.